Offerfeest

Offerfeest

Het Offerfeest is een van de belangrijkste feesten van de islam. Het wordt ook wel het Feest van Ibrahim of Id al-Adha genoemd. 
Tijdens het Offerfeest wordt op traditionele manier een schaap of geit geslacht. Het feest duurt drie dagen en is elk jaar op de tiende dag van de Hadj: de bedevaart naar Mekka die elke moslim eens in zijn leven moet doen.

Moslims offeren het schaap vanwege Ibrahim, een belangrijk persoon uit de islam. Volgens de Koran vroeg Allah hem om zijn zoon te offeren – om te laten zien hoe trouw hij was aan zijn geloof. Maar toen Ibrahim dat wilde doen, liet Allah een ram zijn plaats innemen. Het vlees van het dier werd vervolgens uitgedeeld onder de armen. Zie ook deze video van het Schooltvweekjournaal.  

Het delen is een groot onderdeel van het Offerfeest. Nadat het schaap op een speciale manier geslacht is, wordt het vlees van het geofferde dier in drie stukken verdeeld. Een stuk is voor de familie, een voor de buren en een ander stuk is voor de armen.

De speciale manier van slachten noemen we halal. Dit betekent rein. Als vlees niet rein (halal) is, mogen moslims het niet eten. Varkensvlees is sowieso niet rein. Moslims mogen dit dus nooit eten. Ander vlees kan wel halal worden. Dit gebeurt als een moslim het dier op een bepaalde manier slacht. Alles moet goed schoon zijn en het dier moet met zijn kop richting Mekka liggen. Ook mag het niet mag weten dat het geslacht gaat worden. Er mogen dus geen messen of andere dode dieren te zien zijn. 

Het slachten zelf moet in één haal gebeuren. Dit doet de slager door de halsslagader van het dier door te snijden. Doordat het ineens veel bloed verliest, zal het snel bewusteloos raken en uiteindelijk doodgaan. Tijdens het slachten moet de slager de woorden Bismillah Allahu Akbar uitspreken. Dit betekent iets als: In naam van Allah, Allah is groot.
Jonge moslims zoeken tegenwoordig ook naar manieren om wel te doneren aan een goed doel, maar geen dier te doden.