Judith is de witte moeder van een dochter van kleur. Wat doet het met je als je ouders en jij niet op elkaar lijken?

Judith is de witte moeder van een dochter van kleur. Wat doet het met je als je ouders en jij niet op elkaar lijken?

‘Toen ik in verwachting was, vroeg iemand: “Is het niet raar dat je in verwachting bent van iemand die niet jouw kleur heeft?” Ik dacht echt dat het een grap was. Ik had er nog nooit over nagedacht en ik dacht dat het goed en mooi was om daar zo over te denken. Maar dat is het niet per se. Het is naïef. Ik dacht zo uit liefde en dat is ook mooi, maar ik zie nu dat het misschien ook naïef en onwetend was. Onwetend en onzorgvuldig.

Toen mijn dochter jonger was, werd ik op straat wel eens aangesproken door moeders, die zeiden dat ik haar haar niet goed deed. Ik voelde me ongelofelijk aangevallen. En boos: ik ben haar moeder, waar bemoei je je mee? Dit is gewoon haar haar. Wie denk jij dat je bent?
Pas later kon ik het zien als een handreiking. Ze hadden gelijk. Ze hadden me kunnen helpen. Maar in plaats daarvan voelde ik me aangevallen. Hoezo zou ik dit niet kunnen? Nou, omdat ik dit haar niet heb. Omdat ik geen idee heb.
Daardoor ging ik erover nadenken en kwam ik erachter dat ik haar niet met alles kon helpen. Net als ik een zoon niet met alles zou kunnen helpen. En dan moet je zorgen dat je hulp krijgt van iemand die dat wel kan.

En op een gegeven moment kwam mijn dochter zelf met dingen, waarover ik zei: “Dat weet ik niet. Dat moeten we even vragen aan iemand die daar verstand van heeft.” Ik weet nog dat ik de opluchting in haar gezicht zag. En toen besefte ik: dus hier zit de sleutel van mijn liefde voor jou. Als ik helemaal jouw moeder wil zijn, moet je ik je helemaal zien in wat je nodig hebt en erkennen dat dat niet allemaal bij mij zit. Maar dat is een proces.

Ja, heel erg. Ook al begrijp ik hoe het zit, ik heb ook nog m’n moederhart, dus ik ben altijd bang dat ik het niet goed doe. Dat ik niet goed genoeg ben. En loslaten vind ik een van de moeilijkste dingen die er zijn.

Omdat ik er zoveel onderzoek naar heb gedaan en er veel gesprekken over heb gevoerd, sta ik er nu echt wel anders is. Natuurlijk doe ik niet alles perfect, maar die enorme onzekerheid ben ik wel aangegaan.

Als je kind gediscrimineerd wordt, of racistisch behandeld, dan voelt het alsof je hart eruit getrokken wordt. Maar ik weet niet persoonlijk hoe dat voelt, omdat ik dat als witte vrouw in een witte samenleving niet herken. Dus ik kan niet zeggen: “Ik begrijp hoe je je voelt”, want ik begrijp het niet. Maar ik kan haar pijn wel voelen. En het is heel verdrietig en belangrijk om daar samen over te praten.

Nou, niet zozeer nieuwe dingen, maar als je al die verhalen over racisme en discriminatie hoort, is het wel veel. En kinderen van kleur hebben ook vaak de ervaring dat ze óf worden overschat óf onderschat. Veel jongeren vertelden dat ze waren onderschat in hun schooladvies, of dat mensen verwachten dat ze goed kunnen dansen.
Er zijn heel veel aannames. Ze hebben geleerd om maar een beetje mee te lachen; dan heb je het minste gedoe. Als je er tegenin gaat, wordt het alleen maar erger.

Ik vind het heel belangrijk dat de jongeren die er ‘tussenin’ vallen een stem krijgen. Dat erover gesproken wordt. Hoe eenzaam je je kan voelen. Hoe je je probeert aan te passen aan waar je bent: bij een witte vriendin ben je wit, bij een zwarte vriendin zwart. Dat zou niet zo moeten zijn.
Je mag het ook altijd allebei zijn, of niks van dat alles.

We spelen deze voorstelling veel op scholen. Vorige week liep een collega toevallig achter twee meisjes die de voorstelling hadden gezien. En ze hoorde de een aan de ander vragen: “Denk je dat jouw moeder door heeft dat je een kleur hebt? Ik denk dat die van mij dat niet door heeft. Ik ga het vanavond aan haar vragen.” Toen dacht ik: ja! De voorstelling is geslaagd als jij ’s avonds aan je moeder gaat vragen of zij doorheeft dat jij een kleur hebt. Iedere ouder heeft blinde vlekken.

Veel kinderen van kleur raken geëmotioneerd, omdat ze zich herkennen en gezien voelen. Bij het nagesprek met de acteurs komen ze ook vaak met hun eigen verhalen.

Dat ze niet weten wie ze zijn. En het onbegrip van anderen. Dat het zo fijn is om op toneel te zien dat wat je voelt niet raar is. Dat het klopt dat je er onzeker van wordt. Dat het klopt dat je in de war bent over wie je bent. Het gaat vaak over gezien worden.
Die nagesprekken zijn heel ontroerend. Ze zijn zo open. Ik vind het mooi dat je in een uur de veiligheid kan creëren, waardoor ze er zo open over durven te praten. De eerste keer dacht ik: kan dit wel? Maar toen realiseerde ik me dat het heel goed is om erover te praten. Het gaat om veel meer kinderen dan je denkt. Er zijn miljoenen bi-culturele kinderen in Nederland.

Ja, er rust een taboe op het onderwerp. Dat herken ik ook wel. Maar als jij bij mij in de straat zou wonen en mij er een eerlijke, oprecht belangstellende vraag over stelt, weet ik zeker dat we er een heel fijn gesprek over zouden hebben. Het ding is dat je als ouder soms zelf ook niet weet dat het speelt. En dat veel mensen in dezelfde situatie denken dat ze dit probleem niet hebben. Volwassenen die de voorstelling hebben gezien, zeggen soms: “Dit gaat ook over mij.” Dat hadden ze niet altijd verwacht.

Bij de vraag: doe ik het goed? Dat is een universele onzekerheid, maar bij deze moeders komt er nog iets bij: er is een fysiek verschil waarbij je kind racisme kan ervaren. Hier in Nederland lijken meer mensen op mij dan op haar en dat maakt het leven voor ons soms makkelijker. Niemand vraagt mij waar ik vandaan kom. Of vraagt door na mijn antwoord: “Ja maar waar kom je echt vandaan?”
Maar verder herken ik bij alle andere moeders die basisonzekerheid: doe ik het wel goed? Ongetwijfeld niet, maar dat is niet zo erg. Erken dat maar. We doen allemaal maar wat als moeder.

Of ze zich staande houdt in deze wereld waar ze zo vaak openlijk ongewenst is. Ze voelt dat ze in de minderheid is. Zij krijgt altijd vragen over wie ze is. Maar dat weet ze helemaal niet. Ze is een tiener: ze is zoekende wie ze is. Maar het is ook voor haar een verrijking om twee culturen te hebben. Het is niet alleen maar moeilijk. Het is anders zoeken.

Ik vind het ook een verrijking om iets te leren over iets wat je niet kent. En los van dit alles ben ik haar moeder en hou ik oneindig van haar en zal ze haar eigen weg moeten gaan en ben ik er voor haar, ook al kan ik sommige dingen niet navoelen.

Ik wil niet laten zien dat het erg is als je kind een andere kleur heeft, maar wel dat er soms meer achter zit dan je denkt. Wees er nieuwsgierig naar en geef je kind ruimte om zich te ontwikkelen. Blijf wie jij bent, maar erken dat jullie ook anders zijn. Dat is soms moeilijk, maar ook leuk. Maak het vanzelfsprekend dat je kind anders is dan jij. Een kind is nooit een miniversie van jou. Nooit. Hoe het er ook uitziet.’

Interview: Marijke Verduijn
Foto: Richard Terborg

De voorstelling Zoek de verschillen van Theatergezelschap BonteHond speelt nog tot en met mei in het land en in juni op Oerol. Tegelijk met de première verscheen het gelijknamige boek ‘Zoek de Verschillen’:een theaterleesboek voor kinderen vanaf 12 jaar. Meer info: www.bontehond.net

Lees ook de andere interviews met ouders en jongeren in de serie Een eigen weg