Hoe plant je een zaadje? Moestuincoach Evy geeft les in respect voor de natuur

Hoe plant je een zaadje? Moestuincoach Evy geeft les in respect voor de natuur

‘Ik weet nog dat ik stage liep in de chocola. Het was vooral labwerk. We bedachten nieuwe recepturen. Medestudenten brachten onder andere natuurlijke babyvoeding en vleesvervangers op de markt. En het was veel marketing: hoe kun je het je producten het beste promoten? Hoe maak je een aantrekkelijke verpakking? Wat zet je er op?

Toen ontdekte ik de master Food System Innovation, die het voedselsysteem in Nederland bestudeert. Stel: Nederland wil in 2030 meer plantaardig eten, wat is daar dan voor nodig? Wat betekent dat voor de agri-sector? Hoe help je boeren met de omschakeling naar innovatieve landbouw? Hoe krijg je consumenten mee? Moet je er wetgeving voor aanpassen?

In mijn werk als moestuincoach draag ik daar m’n eigen kleine steentje aan bij. Ik werk in de voedseleducatie. In onze buurt zijn niet zoveel schooltuinen, maar ik heb op twee scholen een schooltuin op het speelplein. Daar geef ik het hele jaar les, van zaadje tot oogst. Hoe plant je een zaadje? Hoe groeit dat dan? Wat is de rol van zonlicht en van water? Welke bodem is daarvoor nodig? Wat voor diertjes leven daar ook? Aan het eind van het jaar oogsten we samen en gaan we ook koken.

Het is een mooi project, omdat er niet heel veel voor nodig is. Op de ene school hebben we vier  moestuinbakken  van twee vierkante meter. Maar op de andere doen we het met één moestuinbak van drie vierkante meter en een klein voedselbosje op het schoolplein. Voor de kleuters een saladebak, of zomerkoninkjesbak. Voor de oudere kinderen een “pizzabak”, met tomaten en kruiden.

Voor 60 tot 70 procent van de kinderen is het allemaal nieuw. Dat geldt vooral voor kinderen die in een flat wonen. Maar sommige kinderen weten er ook echt wel wat van af. Dat verbaast me wel eens. Soms weten ze gewoon hoe je tomaten moet dieven. Ik vind het heel interessant om er met ze over te praten. En soms werkt het heel direct door. Ik had bijvoorbeeld verteld dat de moestuin nu in rust is en dat we er bladeren opleggen, zodat het kan mulchen. De week daarop liet een ouder op een foto zien dat zijn kind allemaal bladeren had verzameld voor in hun tuin.

Ik merk dat scholen voedseleducatie steeds belangrijker vinden. Steeds meer scholen willen een schooltuin, maar juffen en meesters hebben het al druk zat. Ik kan die extra educatie aanbieden, daarvoor heb ik een extra pedagogische en didactische opleiding gedaan. De projecten worden deels gesubsidieerd vanuit de provincie, maar de scholen dragen ook zelf geld bij.

Ik wil me daarnaast als activist inzetten in mijn eigen omgeving. Een paar jaar geleden stuitte ik op de beweging Rechten van de Natuur, die zich ervoor inzet dat de stem van de natuur wordt gehoord. De natuur is waardevol in zichzelf, niet alleen omdat ze ons iets kan opleveren of ons helpt overleven, maar omdat ze er is. Daarom verdient ze respect, zorg en bescherming, en moet ze gehoord te worden bij belangrijke beslissingen.

Mijn doel is om mijn woonplaats Eindhoven zover te krijgen dat ze de natuur een stem geven in het beleid. In een paar gemeenten zijn er al pilots waarbij de natuur in de gemeenteraad bij besluitvorming of nieuwe projecten een stem krijgt. Ik zou dat hier in Eindhoven ook graag willen, maar ik wist niet zo goed hoe ik me goed zou kunnen inzetten voor dingen die ik belangrijk vind.

Soms zit je in een bubbel. Het wordt ook al snel gezien als extreem of radicaal en daar voel ik me niet fijn bij. Toen zag ik op Instagram de Pax Academy langs komen. Daar krijg je in vijf dagen een training over allerlei aspecten van geweldloos actievoeren. Hoe organiseer je dat? Hoe voer je campagne? Hoe kun je in gesprek komen met mensen die anders denken over belangrijke maatschappelijke thema’s?

Stel: je wil een actie opzetten of je bij een actie aansluiten. Hoe doe je dat geweldloos, met respect voor je omgeving en voor mensen? Hoe ga je om met tegendemonstranten? Wat moet je wel of niet delen met de politie? Ik heb zelf wel eens bij een demonstratie met een groep aan de politie gevraagd of ze ons naar het station konden begeleiden, zodat we van het begin tot het eind veilig waren.   

Ik wil graag goede banden opbouwen met de gemeente. Daarom was de dag over lobbyen voor mij heel zinvol. Hoe schrijf je een motie? Welke taal gebruik je? Aan wie schrijf je? We leerden vooral om ons goed te verdiepen in met wie je gaat praten en in wat diegene belangrijk vindt. Om vanuit je hart te praten: goed uit te leggen wat je wil en waarom je dat belangrijk vindt. En om mensen om je heen te verzamelen die hetzelfde willen. Dan sta je sterker in je schoenen.

Dat ik meer invloed kan hebben om iets te veranderen dan ik dacht. Van tevoren dacht ik: een actie is wel leuk, maar je zit tien minuten in iemands hoofd en dan is het weer weg. Maar met alles wat ik geleerd heb, heb ik meer tools gekregen om impact te maken. Wat je doet, kan iets veranderen.

Ik leer kinderen nu hoe groente en fruit groeit, maar ik zou het klimaat daar meer bij kunnen betrekken. Welke planten zijn belangrijk? Wat gebeurt er als het klimaat gaat veranderen?

De thema’s waar ik nu mee bezig ben, liggen heel dicht bij m’n hart. Dus dan ben ik nog steeds bezig met voedseleducatie. Misschien heb ik dan wel m’n eigen zelfoogst tuin. En misschien geef ik workshops “Hoe bescherm je de natuur in de buurt”.

En ik hoop iets bereikt te hebben aan rechten voor de natuur. Dit is iets duurzaams. Dit gaat niet meer weg.’

Interview: Marijke Verduijn