//= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-regular-400.woff2' ?> //= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-solid-900.woff2' ?> //= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-light-300.woff2' ?>
‘Wie gelooft, denkt niet na.’ ‘Dat non-binair is maar onzin.’ Gesprekken over gender, religie of politiek worden al snel een mijnenveld, dat je liever uit de weg gaat. Of wel aangaat, maar niet écht, weet Nadezda Broshuis, docent diversiteit aan de Hogeschool Utrecht. ‘We wachten wel tot de ander is uitgepraat, maar vooral om daarna zo snel mogelijk weer ons eigen zegje te doen.’ Daarom zijn er aan de Hogeschool nu trainingen voor docenten en studenten. Want praten over gevoelige onderwerpen kun je leren.
Sommige thema’s liggen zo gevoelig dat je ze liever uit de weg gaat. Dat speelt in families, onder vrienden, maar ook op opleidingen als Hogeschool Utrecht. En als het al gebeurt, roept het vaak spanningen op. Docenten vinden soms dat studenten wel heel heftig reageren en hun mening baseren op onbetrouwbare of bronnen. Omgekeerd ervaren studenten docenten niet altijd als neutraal.
Er waren altijd al wel momenten dat dat schuurde, maar toen de Franse docent Samuel Paty werd vermoord omdat hij in de klas enkele cartoons over Mohammed had laten zien, liepen de emoties hoog op. ‘Sommige collega’s waren bang dat dat ook hier kon gebeuren. En sommige moslimstudenten vertelden hoe ze op straat werden bespuugd.’
Een aantal docenten wilde dat graag bespreekbaar maken, maar wist niet hoe. Daarom klopten ze aan bij hun collega Broshuis. ‘Ik coördineer al tien jaar de minor Islam en samenleving in het vierde studiejaar. Daar bespreken we vaak ingewikkelde onderwerpen en dat gaat eigenlijk altijd heel goed.
Het was coronatijd, dus ik organiseerde een online bijeenkomst, waaraan zestig docenten meededen. Ik vroeg hen waar ze tegenaan liepen, welke onderwerpen ze ingewikkeld vonden en waar ze behoefte aan hadden.’
Nu, bijna vijf jaar later, ligt er een deskundigheidstraining voor docenten. En een training voor studenten, samen met Broshuis ontwikkeld door vijf enthousiaste studenten. ‘Die training is dus ontwikkeld door studenten voor studenten. Dat is belangrijk, want dan sluit je aan bij hun perspectief en ervaringen. En die studenten nemen andere studenten weer mee in vier workshops Praten over gevoelige kwesties.
Alles begint met het bewust worden van diversiteit. Bij mijn minor zitten soms studenten die nog nooit een andersgelovige hebben gesproken. Het maakt zoveel uit wie je ouders zijn en waar je wieg heeft gestaan. Letterlijk: in een dorp of in een stad en in welk land. Je wordt gevormd door je opvoeders, door waar je naar school bent gegaan, wie je vrienden zijn, wat je hobby’s zijn en wie je daar hebt ontmoet. Als je weinig ervaring hebt met mensen die anders zijn, is het ingewikkelder om diversiteit te omarmen.
In de tweede workshop vertellen we elkaar over onze eigen ervaringen. Moslima’s die een hoofddoek dragen vertellen wat ze soms naar hun hoofd geslingerd krijgen. Mensen van kleur vertellen over hun ervaringen met discriminatie. Mensen uit de queer gemeenschap vertellen hoe ze soms worden uitgescholden. Mensen met een psychische kwetsbaarheid vertellen hoe ze zich uitgesloten voelen en hoe eenzaam hen dat maakt. Religieuze studenten vertellen hoe ze soms belachelijk worden gemaakt. Maar ook hoe ingewikkeld het kan zijn als je het niet eens bent met hoe door sommigen in jouw kring wordt gedacht. Of als je wordt aangesproken op een aanslag die is gepleegd door terroristen die zelf claimen islamitisch te zijn, terwijl jij hen geen moslim zou noemen.
Dan bespreken we: welke gevoelige thema’s spelen er en hoe raakt jou dat? En stap 4 is: hoe kunnen we het daar op een goede manier over hebben?
Ik denk dat de basis bij elk thema hetzelfde is: vraag de ander wat diegene heeft meegemaakt en hoe diegene dat beleeft. En sta daar even bij stil, zonder daar meteen je eigen mening over te geven. Jouw mening is op dat moment niet belangrijk. Het gaat niet om een discussie, maar om oprechte belangstelling in de ander. Probeer de verbinding te zoeken en je eigen mening even aan de kant te zetten. Straks kom jij aan de beurt.
Dat lijkt simpel, maar echt luisteren is zó moeilijk. We worden zo beïnvloed door social media en daar zo bevestigd in onze eigen bubbel. We zijn zo gewend om meteen onze mening te geven. En we voelen ons zó snel bedreigd: bedoel je mij soms? Wat wij docenten en studenten leren is: nee, daar gaat het even niet om. Het is niet persoonlijk bedoeld. De ander vertelt alleen maar wat diegene ervaart.
Het kan ontzettend leuk zijn om je verhaal te delen, als daar oprechte interesse in is. Ook al zijn we allemaal heel divers, we hebben allemaal één basisbehoefte: mogen zijn wie we zijn. Soms kan dat botsen. Daar kun je dan over hebben: waar zitten uitdagingen? Waar schuurt het? Maar we leren onze studenten en docenten om niet alleen naar de verschillen te kijken, maar ook naar de overeenkomsten. Waarin lijken we op elkaar, ook al lijken er op het eerste gezicht misschien vooral verschillen te zijn? Dat maakt dat je je verbonden kan voelen, ook als je anders over dingen denkt. En dan bespreek je hoe je elkaar zou kunnen helpen. Hoe kunnen we elkaar laten zijn wie we zijn, met respect voor de ander?’
Interview: Marijke Verduijn
Foto Nadezda Broshuis (in het groen) en enkele van haar studenten: Angeliek de Jonge