//= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-regular-400.woff2' ?> //= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-solid-900.woff2' ?> //= get_template_directory_uri() . '/vendors/fontawesome/fontawesome/fa-light-300.woff2' ?>
Myriam Mater (94) is dochter van een joodse moeder en een niet joodse vader. ‘Ik was als kind al een leeswolf en had voor de oorlog een prachtig boek. Ik heb het nog altijd: Hoe een arm Chineesje keizer werd. Maar ik wist niet wat een Chineesje was. Dus mijn vader nam me mee naar het Rembrandtplein. Daar stond op een hoek een Chinees die zakjes pinda’s verkocht. Mijn vader gaf me een dubbeltje: “Kijk die meneer goed aan en vraag of je alsjeblieft een zakje pinda’s mag. Want zo hoort dat.” Daarna vroeg hij: “Wat zag je?” Ik zei: “Hij was een beetje geel en zijn ogen staan scheef.” Ik hoor mijn vader nog zeggen: “Dat komt omdat hij uit China komt. Daar zien de mensen er zo uit. Dus dit is een Chinees, maar het is gewoon een mens.”’
‘Joods-zijn was bij ons geen issue. Aan het begin van de oorlog hoorde mijn zusje Hanna van 7 van een klasgenootje dat er in Nederland Joden woonden. “Afschuwelijke mensen”, had Lotje gezegd. “Daar moet je niet mee omgaan.” “Maar hoe kan ik ze herkennen?”, vroeg Hanna. “Nou, dat weet ik ook niet precies”, zei Lotje, “maar ze zien er anders uit en ze doen ook anders.”
’s Avonds tijdens het eten begon Hanna te huilen: “Ik mag niet meer met Myriam omgaan, want zij is de enige in onze familie die een bril heeft, met haar linkerhand schrijft en krullen heeft. Dus zij moet wel Joods zijn.”
Toen zei mijn vader: “Jullie zijn allemaal Joods. Net als je moeder en je grootouders en je ooms en tantes en neefjes en nichtjes. Alleen ik ben niet Joods. En ik zal je wat vertellen: Joden zijn gewoon mensen. De meeste mensen zijn aardig en de meeste Joden zijn ook aardig. En sommige mensen zijn niet aardig en sommige Joden zijn ook niet aardig. Maar heb het er maar niet over met Lotje, want haar ouders denken er anders over. En dan krijgen jullie ruzie. Want als je vader en moeder iets zeggen, ga je er als kind vanuit dat het zo is.”
Myriams Joodse moeder overleefde de oorlog niet. Haar niet-Joodse vader, naar wie onlangs een park werd vernoemd, speelde een belangrijke rol in het verzet, en overleefde gelukkig wel. ‘Het heeft te kort geduurd, maar we zijn goed en liefdevol opgevoed, met respect voor andere mensen.
Die twee dingen: dat Joden en Chinezen gewoon mensen zijn, met hun hele, soms ook onaardige, hebben en houden, zijn voor mij bepalend geweest. En dat zijn ze eigenlijk nog steeds. Daarom vertel ik mijn verhaal graag op scholen. Met dit soort verhalen kun je kinderen bereiken. Ik ben er destijds voor gevraagd en al doende ben ik het belang er van gaan inzien. Maar het is voor mij alleen maar van belang als je de relatie legt met nu, want anders heeft het geen zin.
Daarom probeer ik kinderen dit mee te geven: mensen doen soms verschrikkelijke dingen. Dat kun je niet voorkomen. Maar in je eigen omgeving kun je goed met elkaar omgaan. Als iemand lelijk tegen je doen, kun je zeggen: “Ik vind het niet leuk wat je doet, waarom doe je dat nou? Heb ik iets gedaan wat jij niet prettig vind? Voel je je niet lekker? Of ben je met je verkeerde been uit bed gestapt?” Dat zal niet altijd alles oplossen, maar vaak wel. Want soms doen mensen lelijke dingen, terwijl ze dat helemaal niet zo bedoelen. Dus probeer niet meteen te oordelen en een beetje aardig met elkaar om te gaan. Dat moet van twee kanten komen. Als jij probeert zo prettig mogelijk met ander mensen om te gaan, mag je ook iets van die ander verwachten.
Een enkele keer zegt een kind: “Ja, en nu vermoorden de Joden de Palestijnen. Wat vindt u daar van?” Dan zeg ik: “Ik denk dat het heel belangrijk is een verschil te maken tussen Joden en de mensen in Israël. Dat zijn wel vaak Joden, maar er wonen een heleboel Joden buiten Israël. En ook niet alle Joden denken hier hetzelfde over – ook niet in Israël. Het is verschrikkelijk wat ze daar doen. Echt verschrikkelijk. En ik praat het echt niet goed, echt niet, echt niet. Maar Joden zijn eeuwenlang vervolgd en dat maakt geen mooie mensen. Ik heb jullie al verteld: er zijn aardige Joden en niet-aardige Joden. En bij de Palestijnen zijn de meesten ook aardig, maar sommige niet. Ik kan daar vanaf hier maar weinig aan doen. Wat ik kan doen, dat doe ik.’
Ze vond laatst haar oude poëziealbum terug. ‘Er was één meisje in de klas, van wie de ouders beruchte NSB’ers waren. Net als de meeste kinderen wilde ik niet dat Gerda in mijn poëziealbum schreef, maar toen ik het aan een ander kind had uitgeleend, heeft Gerda het gepikt en er toch in geschreven. Het was een doorsnee gedicht, maar er zat een plaatje bij met Duitse tekst. Ik was woedend en wilde het eruit scheuren. Maar mijn vader zei: “Dat moet je niet doen. Je mag het een rotstreek vinden, maar het hoort wel bij onze geschiedenis. Je zou het haar nooit gevraagd hebben, maar ze heeft het gedaan. En zij kan het ook niet helpen dat haar ouders zo lelijk denken. Dat moet je goed onthouden.”
Ze vertelt haar verhaal het liefst op de basisschool. ‘Op de middelbare school zit ik ingeklemd tussen de aardrijkskundeles en wiskunde en zijn kinderen met heel andere dingen bezig. Maar op de basisschool is er echt ruimte en zijn kinderen nog open en onbevangen. Ze durven vaak alles te vragen en niets is te gênant. “Toen u een pistool in uw oor kreeg, was u toen zo bang dat u in uw broek plaste?”
Aan het eind van de les komen kinderen soms naar me toe om iets over zichzelf te vertellen. Een Ethiopisch meisje zei: “Ik ben ook vervolgd.” En een jongetje zei eens: “Ik ben ook Joods. Mijn vader heeft mij nooit verteld dat er ook niet-aardige Joden bestaan. Maar ik heb erover nagedacht en ik geloof dat ik denk dat u gelijk heeft. En ik ga er met m’n vader over praten.”
Ik zeg vaak tegen de kinderen: “Ik vertel nu mijn verhaal, maar er zitten vast kinderen in jullie klas waarvan de ouders ook verschrikkelijke dingen hebben meegemaakt. Vertel aan je ouders wat je hebt gehoord en vraag hen of zij je willen vertellen wat zíj hebben meegemaakt of wat zij weten. Dat kinderen via mijn verhaal soms in gesprek komen met hun ouders maakt de dialoog nog extra goed en zinvol.’
Interview en foto: Marijke Verduijn
Myriam Mater is in de nacht van 11 op 12 september overleden.
Lees ook de andere interviews in de serie: wat wil je (je) kinderen meegeven?, met onder anderen
Abdelkader Benali, Karel Eijkman, Gerdi Verbeet, pedagoog Micha de Winter, Kinderombudsman Margrite Kalverboer, oud-Denker des Vaderlands Daan Roovers en kinderboekenschrijvers Pim Lammers en Rindert Kromhout.